Soms ga je langzaam en soms ga je snel. Pally en Wiekse doen een wedstrijd, ‘wie gaat het snelst’.

Pally stapt als eerste op de driewieler. “Deze gaat wel 10 kilometer”, vertelt Pally. Hij trapt als een malle en vliegt vooruit.
Voorzichtig Pally! Niet te hard anders vlieg je uit de bocht.
Als je hard trapt dan gaat de driewieler best snel.
“Dat kan ik sneller”, denkt Wiekse. Hij stapt op de tractor en begint te trappen. “Dat gaat niet zo makkelijk”, bekend hij eerlijk. Wiekse komt niet echt snel vooruit. De tractor is niet snel maar wel heel strek.

De trein kan wel 120 kilometer. Dat is een stuk sneller dan de driewieler en de tractor.

Wiekse stapt snel over op de trein. Hij wil sneller dan Pally. “Hé, mijn voeten komen niet op de grond”, zegt Wiekse.
De trein is te hoog voor Wiekse. De trein gaat helemaal niet vooruit. Dat is vette pech voor Wiekse.
Pally ziet een raceauto. Hij stapt van de tractor af en sprint naar de raceauto.
“Deze raceauto kan wel 300 kilometer. Ik ga winnen”, roept hij uitdagend. Hij doet de helm op en klimt in de raceauto.
Hij wil met gierende banden wegrijden. Maar dat valt erg tegen want zijn benen zijn te kort. Hij kan niet goed bij de trappers.

De raceauto gaat met een slakkengangetje vooruit.

Ik denk dat de driewieler het snelst is.
Wat denk jij?
